Haarsteeg

De Sompen en Zooislagen

 

De kooi is aangelegd rond 1822. De gronden waren op dat moment eigendom van Willem Mommersteeg (burgemeester van Vlijmen) en H.C. de Jongh (Schout van Hedikhuizen). De gronden lagen toen in de gemeente Hedikhuizen. De basis van de kooi is een wiel ontstaan bij een dijkdoorbraak van de Hoge Maasdijk in 1795. De kooi heeft daarom geen roggen-ei model maar een meer ronde vorm met daaraan vijf vangpijpen.

De aanvraag (rekest) om de eendenkooi te mogen oprichting werd in 1822 gedaan door A. van de Wiel, schout te Vlijmen. Er waren voldoende argumenten om de kooi te kunnen exploiteren, waaronder werkgelegenheid (‘enige menschen den kost winnen). De kooiplas werd nog wat groter gemaakt en de vangpijpen aangelegd. De kosten werden verdeeld onder de twee eigenaren. Lodewijk de Vaan, kooikerszoon, werd aangetrokken als deskundige en later werd deze aangesteld als kooiker, later opgevolgd door Marinus van Vugt (1834).kooiker vd Water
In het registratie-register staat dat de vergunning is verleend vanaf 1823, aan H.C. de Jongh en dat de afpaling 150 rr is.

Uit de doctoraalscriptie van H.M. van Helvoort komt naar voren dat in 1829 er voor het eerst wat verdient werd en in de latere jaren een redelijk rendement werd gehaald.
De gemiddelde vangsten waren in die jaren zo’n 1600 eenden met als topjaar 1844 toen er bijna 2800 werden gevangen.

Het juiste jaartal is niet bekend, maar in de loop van de 19e eeuw kwam de eerste van de Water als kooiker op de kooi. Waarschijnlijk is dit Jan van de Water (22/02/1823). Zijn zoon Maurits neemt de kooi over. Een dochter van de latere kooiker Martinus trouwt met Marius (Mari) Reuser uit het bekende kooikersgeslacht. Deze Mari is ook nog kort kooiker op de Sompen, maar uiteindelijk komt Maurice van de Water in 1938 op de kooi en blijft kooiker tot zijn overlijden in 1973. Zijn zoon Hein is daarna 10 jaar kooiker en dan neemt J. Bijnen het over en is op dit moment nog steeds de kooker.

De kooi is lange tijd eigendom geweest van de beide genoemde families, uiteindelijk kocht de familie Mommersteeg in 1939 het deel van de fam de Jongh. Uiteindelijk werd in 1956 de kooi en omringende landen verkocht aan Staatsbosbeheer, die tot op heden eigenaar is.

De kooi is altijd een goed vangende kooi geweest, wat niet alleen kwam door de gunstige ligging (Maas en omliggende natte gronden), maar ook door het vakmanschap van de kooikers. De familie van de Water is generaties lang kooiker geweest op de kooi. In 1931 verscheen in Ardea een artikel van F. Haverschmidt ‘Vangstcijfers van eenige Nederlansche eendenkooien’ waarin de vangstresultaten van de Sompen staan vermeld. De terughoudendheid van kooikers om getallen te noemen spreekt hier voor zich (zie illustratie). De Sompen is nummer XXIII.

Ten zuidoosten van de kooi, bij het kooiwiel,  moet een buitenpijp hebben gelegen, maar daar is niets van terug te vinden.

De kleurenfoto’s zijn gemaakt tijdens het bezoek aan de kooi, op uitnodiging van de huidige gebruiker, Martin van de Water, in het voorjaar van 2018. Martin is een nazaat van de kooikers familie van de Water.
De zwart/wit foto's komen uit diverse archieven en uit het familie archief van de Water.

Eendenkooien

Noord-Brabant
Veen
Haarsteeg
extraSmallDevice
smallDevice
mediumDevice
largeDevice