Op de aanwasen van Dussen verschijnen in de loop van de 16e eeuw de nodige eendenkooien. De aanwassen blijven bij hoogwater droog en krijgen ook een naam. Op bovenstaande kaart is ook de loop van de Oude Maas of Maeze te zien.
In de loop van de 17e eeuw worden de aanwassen voorzien van dijken, wordt het land ontgonnen en langzaam verdwijnen de kooien tot er twee overblijven in de aanwassen die voor de polders liggen.
De eerste namen van de aanwassen verschijnen, de schrijfwijze verandert in de loop van de tijd, onderstaand de naamgevingen in 1612.
Den Grooten Brasser, Den Kleijnen Brasser, Verckens Jacht, Den Peerboom, Den Langenwerf Huyswerf ofte Cappel Werf, De Goei Poort, Hillekens Werf, Staecken Borgh, De Roode Camer, Cortvelt en het Raemsdonck Weer.
Op de volgende pagina's worden de kooien per aanwas beschreven.
NA - VTH 1409, 1644, G. v.d. Hult (Let op, het noorden is links)