De Kijsers Gulden Waard (later Keizers Gulden Waard) heeft in 1620 drie eendenkooien en 19 losse pijpen (VTH-1916, 1620, Jan Pietersz Dou naar Jacob Jan Symonsz). De plaat wordt begrensd door het Bevers Gat, Drarp Kille en het Oude Wiel/West Kille. Na 1650 wordt de plaat langzaam ingepolderd, begonnen aan de noordkant met Den Noord, den Mannen Waard, Beverwaard, de noordelijke en zuidelijke Kooijwaard en als laatste de 2e Partij van Kijsers Gulden Waard (na 1758). Eind 19e eeuw krijgt de zuidelijke punt van de polder de naam 't Kooike en behoud het noordelijke deel de naam De Noord. Het midden stuk behoudt de naam Keijzers Gulden Waard.